Aanhaling uit die boek wat ek nou lees (Die Britse owerheid en die Groot Trek - C.F.J. Muller 1947):
In Desember 1837 gee 'n persoon wat, soos in die Zuid-Afrikaan vermeld word, voorheen een van die respektabelste en rykste boere uit die distrik Uitenhage was, 'n treffende beskrywing van onophoudelike ruinerende verliese. "De daden was de grootste reden waarom ik de Kolonie verlaten heb. Wat hebben die grensbewoners van tyd tot tyd niet van de K@ffers te verduuren gehad, en inzonderheid by den laatsten onverwachten inval ? Ik heb het Britsche Gouvernement gedurende vele jaren, sedert 1811, met de grootste wakkerheid en zonder het minste loon, als burger gediend. Ik heb met myne handen gearbeid, en getracht myn huisgezin fatsoenlyk optebrengen; en toen ik my in den toestand bevond om zulks te doen, kwamen de K@ffers en beroofden my van ALLES, zoals het geval was in 1819 en wederom in 1834. By den laatsten inval heb ik slechts 5 ossen en 7 kalven overgehouden, en geen enkelde koe hebben de K@ffers my overgelaten, uit de 74 melkkoeijen, van het beste vaderlandsche ras. Wat is my derhalwe over gebleven, na vele jaren arbeids en gezwoegs ? Letterlyk NIETS !